Ik zag haarscherp hoe Bert tegen Jos ook met geruilde dames zijn stellingoverwicht kon uitbouwen. Met Pe5-d3+, Ke2-f1 , Td7-e7 (of Td8-e8, maar het gaat in elk geval om een fantastische torenverdubbeling op de e-lijn), a2-a3 , Pb4-c2! En nu kan de toren op d1 het ongedekte paard op d3 niet slaan wegens mat op e1.

Ik denk dat voldoende clubgenoten in deze beschrijving de stelling vagelijk herkennen. Misschien heb ik de zwarte kansen overschat, maar het is al uitzonderlijk dat ik me zo diep verdiepte in een andere pot. Wellicht werd ik daarom gestraft met een onnodig huiveringwekkend slot op eigen bord.

Op de negende zet gaf Jan de Boer al een paard weg. De stellingcompensatie was volstrekt onvoldoende, maar hij schiep uiteindelijk reële winstkansen. Hij maakte de laatste fout, maar ik was bijna zwaar gestraft met mijn ongebruikelijke medeleven met Bert Klomp.

Als ik niet aan zet ben, loop ik wat rond, zoals velen onder ons. Ik kijk dan wel naar andere borden, maar laat ik nu verklappen: ik zie de stellingen nauwelijks. Ik veins wel eens interesse, hoor. Soms geef ik commentaar van een herdersmatje-niveau, maar alleen mijn eigen partij heeft mijn aandacht. Als kampioenskandidaat voelde ik me wel eens verplicht wat interessant lijkende analysetjes te strooien, maar ze werden veelal simpeltjes weerlegd. Ben benieuwd of dat ook geldt voor de bovenstaande zettenreeks.

Maar eigenlijk huichelde ik altijd belangstelling als ik me met een nabeschouwing op een ander bord bemoeide terwijl ik zelf nog speelde. Het is mij van medische zijde verzekerd, nee opgedragen: Meneer Bons, concentreert u zich altijd eendimensionaal op uw vrouw, uw werk, uw andere relaties, uw sporten en uw andere bezigheden.

In mijn werk houd ik me wel eens met twee onderwerpen bezig, hoor. Veelal omdat een bron voor het eerste verhaal niet te bereiken is. Het is dan voor de werkgever duur en voor mij onbevredigend om te wachten totdat die terug is van vakantie.

Ooit hield ik vijf interessante kwesties intensief in de gaten en een veelvoud latent. Onder andere in en om Twello. Dat hoeft niet meer in mijn nu driedaagse werkweek in Raalte.

Kortom, de seance met mij als simultaanspeler is uitgesloten. Die paar keren dat ik tegen enkele jeugdspelers 'simultaande' kostten me mijn reputatie. Een enkele schaakpartij kan ik bevatten, redelijk goed zoals ik dit seizoen wel heb bewezen. De stellingen komen steeds logisch voort uit eerdere posities. Uitdrukkingen zoals 'verrassende zet' en 'omwenteling op het bord' zijn contradicties, want altijd blijft ongeveer negentig procent hetzelfde.

De simultaanspeler evenwel kijkt na elke zet en volgende stap langs de rij borden weer tegen een totaal nieuwe situatie aan. Bij vijftien tegenstanders ziet hij minstens vijfhonderd totaal verschillende stellingen. Steeds revoluties, klein in historisch perspectief, maar mij te ingrijpend. In midden- en eindspel staat elke keer negentig procent van de stukken op andere velden staan.

Fantastisch, Wobbe en Jos dat jullie dat wel konden, maar ik mag daar niet aan beginnen. Ik hoef het eigenlijk niet eens te zeggen, maar doe het toch: sorry.


Gerard Bons.

stap terug
terug