Parijs heeft teveel om op zoek te gaan naar schaakcafé Régence en naar café Central in Wenen heb ik vluchtig gezocht maar werd door tijdgebrek niet gevonden. In de schaaksociëteit van Hastings heb ik de stukken mogen verzetten tegen een heer, die toen drie keer zo oud was dan ik en nu maar een klein beetje ouder (als hij ondertussen niet ouder was geworden, zoals de correcte-formulerings-freak natuurlijk wel had begrepen).

Ik herinner me van de pot alleen dat ik bijna in slaap viel, maar de eerste vakantiepartij in mijn tweede schaakleven zal niet in vergetelheid geraken. Hulde aan de digitale era en de man die er voor zorgt dat enkele tientallen kunnen meegniffelen dankzij dit digitale medium.

Dat de partij niet is genoteerd doet niet terzake. De belangrijkste openingsstelling is zo curieus dat ik die onmogelijk kon vergeten. De beslissende fase heb ik een paar uur later naast een bordje inktvisringen op een servet gekrabbeld.

Een reisgids van La Palma wees ons op een opmerkelijk verzamelpunt van schakers: het strand van Puerto Naos. Een strandstoelenverhuurder is er idolaat van het spelletje en wil tegen iedereen spelen, meldt het document. We hadden zin in een stranddag en als bijkomstigheid zou ik kijken of op het donkergrijze vulkanische zand, dat de Canarische eilanden zo domineert, wordt geschaakt.

Het klopte. Toen ik me bij de man meldde voor stoelen, parasol en pot was hij net begonnen tegen ene Pablo. Ik mocht tegen de winnaar en dat was maar goed ook. De stoelenverhuurder werd in een overrompelingsaanval geveegd en kon niet bevatten hoe een kwaliteitsoffer tot mat in drie leidde.

Ik speelde dus tegen Pablo, voor in de twintig en ik dus bijna drie keer zo oud. Ik rekende op een clash van penningen, veldruimingen en (schaak)penetraties en was stomverbaasd dat hij opende met d3 en e3. Vanzelfsprekend beantwoord met e5 en d5.

Deze eerste diagram toont de stelling na de negende zet van wit. Ondanks de extra zet staat wit passief. Fantastisch om veldheer achter zo’n zwarte samenballing van schaakenergie te zijn. Tegenover een opstelling die zich het beste laat omschrijven als catanaccio-schaak.

U weet wel, die Italiaanse voetbalstijl met elf man achter de bal, ooit zelfs ontaard in elke man een eigen verdediger, waarbij tien paren voetballers naast elkaar over de Azzuri velden draafden. Dat ik had gezien hoe deze jongen prima kan combineren, maakte me wel ongerust. Ik besloot desondanks te breken met f5-f4, deed een enkele voorbereidende zet in de hoop dat hij zou rokeren en maakte meteen kennis met de dynamiek van het witte front:

9. ...; Dd8-c7 10. f2-f4

Lullig, hè, na zes suffe pionzetjes van de tweede naar de derde rij, nu opeens die sprong naar de vierde. Loper d6 en Dame c7 staren naar een eigen geblokkeerde pion. Ik voelde me beduveld, vergat hoe ik vakantie had. Zag geen zand, zee en zon meer, dat laatste overigens door de beschutting van een palmboom terwijl de wind van zee kwam.

Nog niet eens zo’n slecht schaakklimaat op een bijna tropisch strand. Nu ik voor het eerst tijdens een vakantie fanatiek ging spelen, vergat ik mijn vrouw te vragen een foto te maken van die twee malle mannen op een strandstoel, met schaakbord ertussen. Sorry, Henk.

Ondanks de concentratie en het ruimtevoordeel lukte het niet voordeel te behalen en na ongeveer 26 zetten keek ik tegen de volgende stelling aan.

Ik had veel geïnvesteerd in die verdrievoudiging op de g-lijn, maar concludeerde nu dat het geschut geen doel kon treffen omdat de velden g1, g2 en g3 alle drie keer degelijk gedekt zijn. De penning van de zwarte b-pion leek me gevaarlijker. Ik had verdedigende mogelijkheden, maar vreesde dat Pablo na zetten als Pd8, Dc7 en Ka8 helemaal het initiatief zou overnemen. Daarom koos ik voor actief spel:

26. ...; Ph5 - f6 27. Dd5xc6???; Pf6-e4+

De counterschaker strafte zichzelf. Omdat zwart het paard terugwint en daarna de c-toren raapt, is het uit. De analyse leerde snel dat 27 Txg5 raadzaam was, al hadden we in die lauwwarme zeewind er geen benul van wie dan het beste spel zou krijgen.

Ik had graag uitgelegd hoeveel groter de kansen met normale openingen zijn. Het witte spel tussen de diagramstellingen was uitstekend en had nog beter kunnen zijn met een normale ontwikkeling. Helaas, Pablo sprak alleen Spaans. Hij nodigde me uit voor een soort schaaksociëteit in Puerto Naos, maar een tweede schaakmiddag paste niet in ons vakantieprogramma. Ik heb Pablo en de strandstoelenverhuurder (wel probleemloos ingemaakt) niet meer gezien.

De analyse met Fritz 11, twee weken later, was weer leerzaam. In de eerste diagramstelling staat zwart inderdaad beter, ongeveer 0,8 pion. Maar het programma keurt 8. ...; Dd8-c7 en 8. ...; f5-f4 af. Zwart houdt in beide gevallen nog steeds stellingvoordeel, maar dat groeit door gewoon kort te rokeren. Van wit valt niks te vrezen en de toren draagt nog meer aanvallende ontwikkeling bij.

In het tweede diagram wordt de witte stelling als beter beoordeeld. Alleen het laffe 26. ...; Ka8 leidt tot gelijkwaardig spel. Als Fritz, die minstens tien zetten diep rekent, 0,00 als oordeel geeft, gaat het veelal om eeuwig schaak of gedwongen zetherhaling na twee of acht zetten.

Verder is alles slechter voor zwart. Na 26. ...; Pf6 27. Txg5; Pxd5 28. Txg7; Txg7 is de loper-paard combinatie dynamischer dan de twee zwarte paarden. Bovendien staat de witte koning centraler, ook een mooi voordeel na damesruil. Volgens Fritz bij elkaar 0,4 waard. Niet formidabel, maar beslist belangrijk als het eindspel is aangebroken.

Gezwijnd? Ach, In den benauw’nis vond ik gewoon de meest complicerende, dreigend ogende zet. De paniekreactie noem ik afgedwongen. Het catanaccio voetbal is afgezworen omdat die Italiaanse aanvallers zelf te weinig kansen mochten creëren en de scheermesverdedigers wel eens een gat lieten vallen.

Gerard Bons

stap terug
terug