Hebben jullie dat nou ook, dat een stelling je niet met rust wil laten, dat je blijft zoeken tot je het naadje van de kous hebt gevonden, liefst iets wat aantoont dat je die ene partij toch had moeten winnen? Het heeft mij al menig uurtje gekost. Vorige week was het weer eens zover, vijfde ronde interne competitie, tegen Bert Klomp. Vechten voor de winst, uiteindelijk met moeite remise, maar waar heb ik nou de boot gemist want het leek zo mooi te staan voor wit, ik dacht al "die is binnen".

1. e2-e4 e7-e5 2. Pg1-f3 d7-d6 3. d2-d4 Pb8-d7 4. c2-c4
met de bedoeling Bert z'n "Leeuw" te ontlopen. De Leeuw is een systeem waarin zwart zich in het begin rustig opstelt maar zich voorbereidt op een scherpe aanval op de koningsvleugel. Nu wordt het een soort "oud-indisch".

4. ... Lf8-e7 5. Pb1-c3 c7-c6 6. Lf1-e2 Dd8-c7 7. 0-0 Pg8-f6 8. Dd1-c2 0-0 9. h2-h3 Tf8-e8 10. Lc1-e3 Pd7-f8
Zwart maakt zich klaar voor de aanval (Pf8-g6-f4 en eventueel een offer tegen de koningsstelling). Wit heeft de meeste ruimte op de damevleugel en kan van daar uit het zwarte centrum ondergraven.

11. Ta1-d1 (beter 11 b4!?) Pf8-g6 12. c4-c5 e5xd4?!
(het lijkt niet nodig om het centrum op te geven)

13. c5xd6 Le7xd6 14. Pf3xd4 Pg6-f4 15. Le2-f3 g7-g6(?) 16. Dc2-d2 Pf4-e6

Er is een spannende stelling ontstaan. De loper op d6 staat onvoldoende gedekt en verder heeft zwart zwaktes op de velden f6 en h6. Het lijkt alsof wit nu een pion kan winnen met het schijnoffer 17 Pd4xc6 gevolgd door 18 Dd2xd6 maar zwart heeft het geniepige tussenschaakje 17. ... Ld6-h2+! waarmee hij juist materieel in het voordeel komt. Ook 17 Pd4-b5 faalt door dezelfde tussenzet van zwart. Ik probeerde de zwakte van de zwarte koningsstelling te vergroten met een paardoffer waarvan de gevolgen eigenlijk niet uit te rekenen zijn.

17. Pd4-f5!? Ld6-h2+ 18. Kg1-h1 g6xf5 19. e4xf5 Pe6-g7 20. Le3-h6 Lh2-e5
Volgens het computerprogramma Fritz is 20. ... Lc8xf5, een nieuw stuk voor de verdediging, hier beter voor zwart.

21. Dd2-g5 Pf6-d7

Dit is de stelling waar het om gaat, zwart lijkt de mat-dreiging op g7 gepareerd te hebben en dreigt zich met 22 Le5-f6 ook verder afdoend te verdedigen. Ik dacht een winnende voortzetting te hebben met een kwaliteitsoffer tegen het centrale stuk in de zwarte verdediging, het paard op d7. Ik verkeek me evenwel want zwart vindt de enige verdediging die gelijk goed is voor afwikkeling naar een eindspel waarin wit nog goed moet oppassen niet in de verdrukking te komen.

Er volgde:
22. Lh6xg7? Le5xg7 23. Td1xd7! Dc7-e5! 24. Td7-d8 Lc8xf5 25. Td8xa8 Te8xa8 26. Lf3-g4
(in het eindspel wil wit niet tegen het loper-paar spelen)
26. ... Lf5-g6 27. Dg5xe5 Lg7xe5 28. f2-f4 Le5xc3 29. b2xc3 Lg6-d3 30. Tf1-d1 Ld3-c4 31. Td1-d2 a7-a5 32. Lg4-d1 a5-a4 33. Kh1-g1 b7-b5 34. Ld1-f3 Ta8-c8 35. a2-a3 remise.

En toen begon het kriebelen, waar is het nou gemist? Ik kon het in stelling 2 niet vinden maar Bert wist aan Fritz de volgende zet te ontfutselen:

22 Tf1-e1!!
Een stille zet die de tweede witte toren aktiveert met een gemene penning op de e-lijn waarna zwart snel mat gaat, er kan bijvoorbeeld volgen:

22. ... Te8-f8 (uit de penning!) 23. Lh6xg7 Le5xg7 24. Td1xd7 Dc7-a5 25. Td7-d5! en f5-f6 met mat is niet meer te verhinderen.

Waarom zie je zoiets nou niet achter het bord!


Jos Barendregt

stap terug
terug