"Steek toch toe als zijn tijd voorbij is!"

Ik poogde dit voortdurend uit te zenden toen ik eens een uurtje naar de laatste competitie-clash van het derde keek. Helaas, de twee clubgenoten die ik wilde bereiken, bleven telepathisch doof.

Ruim een uur naar andere borden kijken doe ik zelden. Niet uit desinteresse, maar ik ben gewoon zuinig met mijn schaakenergie en ik speel vaak lang.

Het was een weelde dat het hele team en ook ik in twee en een half uur klaar waren. Terwijl ondertussen vijf (tegenstander Kameleon kwam als quintet naar Twello) derde teamspelers allen nog achter de stukken zwoegden. De toeschouwers, bijna alle eerste teamspelers, hebben genoten in die arena.

Wat een inzet, ook bij de verliezers, Tiedo Klarenbeek, Ruud van Swam en Frits Frijlink leverden hartverwarmende strijd. Aan het ene bord ging het fout vanwege de enorme complicaties in een mooie partij, aan een ander bord was de wetmatigheid niet bekend dat dames ALTIJD op het bord moeten blijven als er verder alleen pionnen zijn en je er een tekort komt.

Maar goh, wat hebben die drie geknokt.

Dat deden Kees Kuijk en Coen Hilbrink ook, maar zij lieten beiden de kans op een half puntje liggen door een remisebod te accepteren. Ja jongens, eigenlijk betekent dit meer waardering voor de verliezers dan voor jullie remises, want het hadden hele punten kunnen zijn.

Kees en Coen zaten allebei in de verdrukking, ploeterden om stand te houden. Maar in beide gevallen hadden de tegenstanders veel bedenktijd gebruikt, teveel. Vooral Kees had best nog wat mogen ‘doorrommelen’ met veel schaakjes of dameruil, waarmee gelijk de kansen ook schaaktechnisch zouden omslaan. Tijd zat, want Kees had bijna meer minuten over dan zijn tegenstander seconden.

Het is een breed misverstand in onze denksport dat de klok een bijkomstigheid is, die alleen bedoeld zou zijn om onwillige spelers te dwingen in verloren stelling te zetten. Teveel schakers vinden het onsportief om in totaal verloren stelling de tegenstander door de vlag te jagen als die teveel tijd heeft verbruikt.

Onzin, de klok geeft iedereen gelijke kansen. Zoals een voetbalwedstrijd uit twee keer elf spelers plus twee doelen van gelijke omvang bestaat, spelen wij met twee keer zestien stukken en gelijke bedenktijd. Voetballers scoren door het balletje tegen het net te schoppen als de backs klungelen, wij moeten de klok gebruiken als onze tegenstander die gelegenheid biedt.

Als je dus twijfelt of je in verloren stelling op de klok mag winnen, redeneer dan heel straight: Wie teveel bedenktijd verbruikt voor een betere stelling en door mijn standvastigheid op de klok verliest, is suf bezig geweest. Hij had dus gegarandeerd stomme zetten gedaan als hij sneller had gespeeld.

Maar al had het m.i. 3-3 kunnen worden in plaats van 2-4, dat neemt niet weg dat voor mij onze vijf ‘derde teamers’ vijf schaakgladiatoren zijn.


Gerard Bons

stap terug
terug