Slechts enige jaren was journalist, cabaretier en dichter Dick Panman lid van de Twellose Schaakclub, maar liet een onuitwisbare indruk achter. Vooral met zijn inzet buiten het schaakbord. Met sportieve en persoonlijke provocaties tijdens de clubavonden en met soms prikkelende en vaker hemelbestormende stijlfiguren in clubblad Schaak bracht hij leven in de brouwerij. Dick overleed maandag 15 augustus 2011 op de camping in Den Nul. Op de begraafplaats in datzelfde dorp vindt vrijdag de uitvaart om 12.00 uur plaats.

In de jaren tachtig was hij verslaggever bij het Algemeen Dagblad en poogde daarnaast een cabaret-carrière op te bouwen als ‘Het Beest van Rotterdam’. Toen hij vanuit de Maasstad naar het oosten verhuisde ging het bij het Deventer Dagblad mis, Dick ging free-lancen, werd gegrepen door het schaakvirus en meldde zich eind jaren negentig bij de TSC.

Het bleef herkenbaar dat Dick ons spel laat leerde. Des te hartverwarmender was het dat hij zeeën van tijd (en ook het nodige eigen geld) investeerde in een serie verzorgde clubbladen. Bladerend in het halve dozijn nummers dat ik nog heb blijkt het mee te vallen met het eigenzinnige stempel dat Dick in mijn herinnering op de clubbladen zette. Verbaal was hij op de clubavonden uitdagender, maar ongenotuleerde kreten vergeet je in tien jaar. Daarom een drietal citaten uit die bladen:

- Educatieve mastodonten als Piet Rusch en Rien van Hattum zwengelen de animo onder de jeugd voor de schaaksport spelenderwijs aan. -
(over het Rabo-toernooi, 99/00-4, overigens het jaar met 21 diploma’s)

- Hij geeft de indruk een docent lichamelijke opvoeding te zijn, of een balletdanser in de nadagen van zijn podiumdrift. Met zijn slanke, afgetrainde verschijning en empatische oogopslag is Henk Casteel een man in bonus.
(over de nieuwe kampioen, 99/00-5)

- Bron ijsbeert parmantig door de zaal, bril op het voorhoofd, riem nog op het etenshaakje. Speelt Bons getruct over de vleugels of penetreert hij, als vanouds, dwars door het midden? Pareert Stegeman elke aanval met een ijzingwekkend blok? Novkovic neemt poolshoogte, Onijs verschikt zijn stukken en zichzelf na elke zet. Stevens en Panman projecteren de wereldstelling op hun eigen bord.
(zo liet Dick onder de kop - analyse van een wereldpartij - iedereen virtuoos meespelen in dat potje, in 99/00-2)


Gerard Bons

stap terug
terug