Klein maar ..... fantastisch. Zo kun je het eerste randomtoernooi van de TSC wel noemen. Acht deelnemers, maar wat hebben we in deze bescheiden groep veel lachen. Ook toen we na de laatste finalezet twee uur gingen snelschaken, bleef de stemming top. Berry, Henk, Wobbe, Carlo, Kees, Rien, René en heel even Ruud, bedankt dat we ons zo’n lollige avond bezorgden.


Ruud Merza kwam even langs en liet zich door René vertellen hoe het spel werkt.

Ik kan er niet tegen veel (!) andere besognes te hebben tijdens (denk)sporten. Vorige keer, de proefronde na de najaars-ledenvergadering, rokeerde ik als zogenaamde kenner twee keer fout. Spelen en tegelijk ambassadeur zijn van die lollige schaakvariant kostte me teveel.

Deze keer gaf ik de start uit handen. Dat René de eerste indelingen in 2 groepen van 4 maakte, was voldoende, relaxte. Dat Kees niet 2, niet 4 voor zijn voorronde groep maar meteen een rondje van 8 ophaalde, ontnam me verder gebeuzel over onvergelijkbaarheden zoals de lolligste op het bord, met de mond of andere criteria.

Carlo veegde me nog, maar daarna ging het crescendo, won ik van Berry en Kees. Zij op hun beurt schakelden Carlo uit. Dick Stevens (volgende keer erbij, hoor!) heeft het al eens gezegd: de grotere openingskennis van de betere spelers is waardeloos, daardoor hebben de zwakkeren meer kans.

Berry en ik finishten met 2 uit 3 en ik won de barrage. Wobbe heerste in zijn groep: 3 uit 3. Omdat Henk, Rien en René elkaar in een driehoekje versloegen, speelden ze barrages. Henk won zijn beide potten.

De uitgeschakelde deelnemers hielden animo en speelden nog twee ronden in een troostgroep. Rien en Kees wonnen hun beide partijen. ,,Ik heb me opgeofferd,’’ zou de voorzitter later zeggen. Gezien de eindsprint heeft de ervaring die hij opdeed in wijlen De Oppositie dit anders-dan-anders-schaken levend gehouden.


Hier spelen we al in de nacht, met reguliere beginopstelling maar nog steeds heerst het random-plezier.

Vanwege het gevorderde uur voor de kruisfinales wilde ik geen beslissingswedstrijden meer en koos ik als zelf bedachte arbitrage bij 1-1 de mijns inziens slimste: de winnaar met de meeste bedenktijd overwint. Henk klopte me met 50 seconden over, redelijk veel als de verliezer doorgaat tot de laatste seconde. Ik speelde daarna een versnelling hoger. Ik ben het niet gewend te snelschaken met een surplus aan tijd, maar bij de finish zegevierde ik deze keer met ruim een minuut over. Ik koos dit arbitragemiddel koos zonder voorkennis. Gewoon de eerste pot verliezen en dan berekenend terugkomen kan een tactiek zijn, leerde ik.

Hoe de overtuigendste groepswinnaar strandde heb ik vorige keer voldoende beschreven en ik won de finale met 2-0 van Berry. De laatste pot was echt genieten. Rokeren vanaf gekke velden kan een exotisch gevoel oproepen, ten koste van de nuchterheid. Terwijl mijn zwarte dame al alle ruimte naar a2 had, rokeerde Berry lang.


Schraalschaken

Waarom gingen we na het toernooitje weer terug naar de standaardopstelling? Ofwel random vanuit de eeuwenoude beginopstelling, zoals Henk ouderwets schaken wel eens noemt. Nou, Fisher-schaken is veel intensiever en vermoeiender dan regulier. Na de gedobbelde opstelling moet je de volle tijd 100% creatief zijn. ‘Schraalschaken’ daarentegen is in het begin naäpen, in je geheugen graven naar openingsvarianten.

Aardig woord, schraalschaken, niet? Allitereert ook lekker. Saaischaken leek me even ook wel geinige zelfspot (want ook dat speel ik zelf nog steeds met plezier), maar het suggereert dat ook het middenspel slaapverwekkend zou zijn. Schraalschaken slaat alleen op de onwrikbaarheid van de beginstelling. Woorden als luischaken passeerden achter mijn ogen ook de revue, maar te provocerend.



Hieraan valt nog weinig te analyseren, Henk hoeft geen diagram te maken.

Twee zetten eerder stond een wit paard op c3, maar toen ik dat ruilde was het klaar. Het deed me deugd voldoende tijd over te hebben om deze dodelijke situatie te vereeuwigen. Ik mocht niet uitsluiten dat het te laat zou zijn als ik het mobielcameraatje (wat me met die stomme Apple minstens een halve minuut kost) had gepakt na capitulatie. Dan had Berry het recht de stukken meteen van het bord te halen voor een nieuwe pot.

Voordat dit een mini-autobiografie wordt, sluiten we af met een foto met andere combattanten in de nachtelijke fase.

Flow

Random maakt moe en geeft toch energie. Ik voelde me er doorheen toen we na middernacht met continue alcoholbesprenkelingen weer tegen gewone beginstellingen aankeken. Daar heb ik me desondanks een potje swingend zitten vluggeren. Onder andere tegen Carlo. Ik ga hem nu niet teveel prikkelen met details (nog steeds angstgegner, wel minder), maar het kwam er bijna op neer dat ik uitrustte. Een flow, zes uur lang.



Sorry, Berry, deze foto maakte ik op verzoek van een andere toeschouwer.

Henk componeerde dit stikmatje in drie minuten totaaltijd. En kijk, Wobbe, hij had geen zin na de matzet de klok te starten. Overigens was het de eindfase, alle acht hadden al een rondje alcoholica gehaald en genuttigd.


Gerard Bons

stap terug
terug