Op 31 maart 2015 bezorgde ik mezelf een vervroegde 1 april witz:

Zie diagram 1 hiernaast.

Die laatste zet was een pittige, maar vooral voor zwart prettige breekzet. 13 … Pxd5 leek me de beste, niet door winst van een zwakke pion, maar dankzij de blokkade van de loper op g2 door een ook geblokkeerde pion op d5.

Aan strategie besteed ik vaak weinig aandacht, maar dit zag ik helder. Mijn schaakprogramma Tarrasch gaf me achteraf gelijk: -0,88. Net geen volle pionwaarde, maar zo vroeg in het middenspel prettig voor zwart.

13 … Pxd5 14 exd5 zie diagram 2

In het minuutje dat ik ter controle aan deze stelling besteedde zag ik dat Pxd4 die logische zet was, de enige. Ik stuurde arm en hand in die richting, maar onnauwkeurig, sloot de vingers rond de pion op c5. Nog voor ik die optilde vervloekte ik mezelf voor deze onregelmatigheid, maar deed uiteindelijk wat de spelregels voorschrijven.

14 … cxd4. 15. dxc6

Niks geblokkeerde pion, maar stukverlies. Een blunder, maar wel van een aparte soort. Twee zetten later gaf ik op.

De afschuwelijkste misgreep. Vaak wordt met dit woord een schaaktechnische misrekening bedoeld, dit was een misgreep in de totaal letterlijke betekenis van het woord. Henk noemde voor de lezers van Voorster Nieuws mijn reactie ‘mopperen’, een diplomatiek eufemisme. Ik tierde, schreeuwde net niet, was wel hoorbaar.

Bij twijfel over een zet heb ik zo’n misgreep wel eens gedaan, herinner ik me vagelijk. In de slotseconden van een gelijk opgaande snelschaakpot is dit ook denkbaar. Daarentegen, in ongeveer duizend normale partijen prikten mijn vingers zelfs nog nooit boven de grens van een veld naast een stuk dat ik 100% zeker wilde verzetten

De enormiteit voelde als een eigen doelpunt. Niet door een lullige kluts in het strafschopgebied, maar vanaf de middellijn. Met wind mee een te harde en hoge terugspeelbal, een prachtige lob over de graaiende vingers van de keeper, vlak onder de lat door. Het net bolt, helaas het verkeerde net.

Ik stel me zo voor dat een professionele dartspeler, die sinds zijn jeugd nooit buiten het bord gooide, in een totale kortsluiting in het hoofd of de werparm een pijl ver daarbuiten werpt. Stel je voor dat met de eerste twee pijlen 120 is gescoord.


(Dartbord is van tennisvereniging DLTC)

Met slechts fractionele kennis van deze sport weet je dat dit eigenlijk onmogelijk is.

Ondenkbaar maar niet totaal onmogelijk: Door een felle steek van een acute buikvliesontsteking zo heftig ineenkrimpen, dat een darter het pijltje naar achteren van zich afwerpt. In een pisboog het publiek in.

Hč bah!

Rare vergelijking, toch een pietsje overeenkomst. Die 31’ste maart 2015 ventileerde ik mijn zelfhaat (als schaker en gelukkig zeer tijdelijk ) te hinderlijk voor het ‘publiek’.

Sorry, clubgenoten.

Ik overwoog even serieus helemaal te stoppen met onze denksport. Wat een zorgwekkend verlies aan concentratie en coördinatie, treurde ik. Te zware conclusie, redeneerde ik nog voor 1 april. In andere bezigheden mankeert nog te weinig aan mijn motoriek voor zware conclusies.

Maar ik ben nieuwsgierig: Wie heeft wel eens iets vergelijkbaars in een serieuze schaakpartij meegemaakt? Zet dat gewoon ook in ons clubblad, desnoods met iets lolligs als aanvulling.

Toch gęne of geen tijd voor een doorwrochte tekst? Dan: gerard.arjen.bons@gmail.com
06 – 4117 4431

Gerard Bons



stap terug
terug