Jaarvergadering der Twellose Schaakclub, gehouden op
Maandag 31 Januari 1949 te 19.30 in café Huisman te Twello.

Aanwezig zijn van het Bestuur de Heren Schaap en Dommerholt. Van de leden zijn aanwezig de Heren J. Jonker, D. Booy, J.E. Dijkhuis, J.W. de Vries, B.H. Velders, Dr. J. Nijhof, Mevr. van Seuren, Beekman, Beugelink, Elfrink, Van Galen, G. Schenk, A. Rietdijk, J.H. van der Hoogte, A.T. Muller, J.H. Beugelink, A.G. de Haas, M.L. Lieferink en G. Roeterdink.

Te ruim 19.45 opent de Voorzitter deze vergadering en heet alle leden van harte welkom. Hij spreekt zijn erkentelijkheid uit voor de grote opkomst, waaruit wel geconcludeerd mag worden, dat de Vereniging zich nog altijd in de belangstelling der leden mag verheugen.

De Voorzitter doet mededeling, dat de secretaris door gezondheidsredenen ook hedenavond niet aanwezig kan zijn. Zoals uit de agenda wel gebleken zal zijn heeft onze Secretaris tevens bedankt als lid en dus ook als Secretaris. De Voorzitter spreekt hierover zijn leedwezen uit en uit verder de wens, dat de Heer Kerssemakers weder zo spoedig mogelijk hersteld zal mogen zijn. Verder spreekt hij zijn spijt uit over het feit, dat hij de Heer Kerssemakers thans als mede-bestuurslid zal moeten missen en dankt hem bij dezen voor de prettige verstandhouding waaronder zij te samen hebben mogen werken voor de Vereniging.

Overgaande tot punt 2 van de Agenda doet de Voorzitter op verzoek van de Secretaris in diens plaats voorlezing van de Notulen der Jaarvergadering d.d. 9 Febr. 1948, welke na lezing door de Vergadering worden goedgekeurd.

Punt 3. De Secretaris heeft zijn jaarverslag 1948 op schrift gesteld en ook hiervan wordt door de Voorzitter voorlezing gedaan. Ook dit verslag wordt door de Vergadering goedgekeurd.

Punt 4. De Kascommissie bestond dit keer uit de Heren Schenk en Dijkhuis. Bij monde van de Heer Schenk wordt aan de vergadering medegedeeld, dat zij de kas en kasbescheiden ten huize van de Penningmeester hebben gecontroleerd en geheel in orde hebben bevonden, ten bewijze waarvan zij het kasboek van hunne handtekening hadden voorzien. De Voorzitter dankt de Heren van de Kascommissie voor de door hen verrichte arbeid, terwijl hij tevens vaststelt, dat de Penningmeester decharge verleend kan worden voor zijn beheer over het jaar 1948.


Pagina uit het kasboek 1948 ondertekend door Schenk en Dijkhuis!

Punt 5. De Penningmeester brengt daarna verslag uit over het jaar 1948 en blijkt daaruit, dat de Vereniging er financieel niet slecht voorstaat. Dit geeft de vergadering aanleiding tot een hartelijk applausje voor het keurige beheer van onzen Penningmeester. De Voorzitter spreekt daarna een woord van dank tot den Penningmeester en hoopt, dat hij nog lang de financiën onzer Vereniging zal mogen beheren.

Punt 6. De Voorzitter doet mededeling, dat het Bestuur gemeend heeft, gezien de gunstige financiële positie der Vereniging thans de contributie der Vereniging eenigszins te verlagen en stelt voor deze te brengen op Fl. 0,70 per maand, ingaande 1 Februari a.s. Hierbij komt dan natuurlijk de Fl. 0,30 per maand voor de contributie voor de OSBO, zodat ingaande 1 Febr. a.s. Fl. 1,- per maand zal moeten worden voldaan. De Voorzitter stelt echter uitdrukkelijk vast, dat deze verlaging voorlopig voor 1 jaar geldig is, zodat op de volgende jaarvergadering over dit punt opnieuw zal worden overleg gepleegd. er blijkt, dat niemand der aanwezigen tegen dit voorstel is, zodat het geacht wordt te zijn aangenomen.

Punt 7. De Voorzitter stelt vast, dat het helaas nodig is een nieuwe Secretaris te kiezen en vraagt aan de Vergadering of zich misschien iemand daarvoor spontaan beschikbaar wenst te stellen. Niemand uit zich in dien geest, zodat besloten wordt een vrije stemming te houden, terwijl dan tegelijkertijd gestemd zal worden omtrent de benoeming van de Penningmeester. De Heer Jonker merkt op, dat over een Penningmeester niet behoeft te worden gestemd, hetgeen algehele bijval vindt bij de Vergadering. de Penningmeester echter vindt, dat het beter is ook omtrent zijn benoeming een schriftelijke stemming te houden. Hiertoe wordt dan besloten en verzoekt de Voorzitter de Heren J. Jonker, J.E. Dijkhuis en J.H. Beugelink het stembureau te willen vormen, welk verzoek door genoemde Heren wordt aanvaard.

De eerste stemming levert het navolgende resultaat op:
uitgebracht zijn op de Heer Dommerholt 15 stemmen en 1 stem op de Heer D. Booy. De Voorzitter merkt hierbij op, dat het niet moeilijk te raden is door wie een stem op de Heer Booy is uitgebracht en kan er worden vastgesteld dat de Heer Dommerholt met algemene stemmen als Penningmeester is herkozen. De Voorzitter vraagt de Heer Dommerholt of hij de benoeming wenst te aanvaarden waarop deze toestemmend antwoordt. De Voorzitter dankt de Heer Dommerholt voor zijn toestemming en feliciteert hem zijn herbenoeming.

Voor de vacante post van Secretaris geeft de 1e stemming het navolgende beeld:
Mevr. van Seuren 1 stem
A. Rietdijk      3   "
A.T. Muller      3   "
G. Schenk        2   "
J. Jonker        3   "
J.H. Beugelink   1   "
B.H. Velders     1   "
J.E. Dijkhuis    2   "
zodat een herstemming moet plaatshebben tussen de Heren Rietdijk, Muller en Jonker. De volgende stemming geeft als resultaat:
A. Rietdijk      5 stemmen
A.T. Muller      7    "
J. Jonker        3    "
ongeldig         1    "
Aangezien de Heren Muller en Rietdijk geen van beiden het vereischte aantal stemmen heeft behaald van 9 moet opnieuw tussen deze beide Heren overgestemd worden. Deze stemming geeft dan als uitslag:
A.T. Muller      10 stemmen
A. Rietdijk       6    "
zodat de Heer Muller gekozen is als opvolger van de Heer Kerssemakers. De Voorzitter vraagt de Heer Muller of hij bereid is deze benoeming te aanvaarden en de Heer Muller antwoordt, dat hij daartoe wel genegen is, maar verzoekt om zoveel mogelijk medewerking van de leden en van het overige Bestuur. De Voorzitter antwoordt, dat hij te allen tijde op de medewerking van het overige Bestuur kan rekenen, waarop de Heer Muller de benoeming aanvaardt. De Voorzitter wenst de Heer Muller geluk met zijn benoeming en verzoekt hem maar direct aan de Bestuurstafel te willen plaatsnemen.


Diverse malen moest er gestemd worden!

Punt 8. De Voorzitter doet mededeling van een ingekomen schrijven van de Firma Josso uit Amsterdam. Het is blijkbaar nog niet zo gemakkelijk aan goede schaakklokken te komen. Besloten wordt de Firma Josso nog eens te schrijven. De Vereniging wil zich echter niet binden voor de leverantie. De Heer Velders zou ook de Firma H. Koopman in Dordrecht nog eens geschreven willen hebben. Hiertoe wordt besloten. Dit belangrijke punt "aanschaffing van schaakklokken" zal de blijvende aandacht van de leden en van het Bestuur hebben, maar de Voorzitter zegt liever geen klok te bezitten, dan de Vereniging een strop te bezorgen.

Punt 9. Besloten wordt de lopende competitie te beëindigen op 28 februari a.s. De eventueel dan nog afgebroken partijen zullen dan op 7 Maart d.a.v. uitgespeeld moeten worden. Het Bestuur zal daarna de stand opmaken en aan de hand daarvan zullen promotie-degradatiewedstrijden gespeeld moeten worden en wel een dubbele ronde, te beginnen op 21 Maart a.s. De leden van afd. A en B. die geen prom. degr. te spelen hebben moeten om beurten een simultaan wedstrijd spelen tegen de overige leden van hun afdeling. Van de uitslag dezer wedstrijden moet aantekening gehouden worden. Briefjes moeten na afloop ingediend worden bij het Bestuur.

Punt 10. De Voorzitter doet mededeling dat er op 14 Maart a.s. een gongwedstrijd voor beide afdelingen georganiseerd zal worden, waarbij de overgebleven niet afgehaalde prijzen van de verloting "schaakklokkenfonds" als prijzen beschikbaar gesteld zullen worden. Besloten wordt te spelen 30 zetten voor Wit en 30 zetten voor Zwart, voor iedere zet wordt 20 seconden tijd gegeven. Na eenig heen en weer gepraat betreffende de tijdsduur der zetten wordt dit voorstel door de Vergadering aangenomen.

De Voorzitter maakt tevens de leden nog even attent op art. 19 van het Huish. Regl. en verzoekt de leden zoveel mogelijk aan dit artikel te houden, dit ter ontlasting van de taak der Penningmeester, die ook gaarne zijn te spelen competitiewedstrijden zo rustig mogelijk afwerkt. De Voorzitter verzoekt de leden nog gaarne deze opwekking niet verkeerd te willen uitleggen, aangezien geen andere grondslag daaran ligt, dan die, welke door de Voorzitter naar voren is gebracht.

Punt 11. Voordat dit punt wordt afgewerkt verzoekt de Voorzitter om opgave van de namen van hen, die nog iets voor de rondvraag hebben. Hiervoor melden zich de Heren Schenk en Beugelink.

De Heer Schenk vraagt of het niet mogelijk is eens een speler van naam uit te nodigen voor het houden van een simultaan wedstrijd. Een en ander als propaganda voor de Vereniging. De Voorzitter antwoordt, dat zeker hiertoe wel eens moeite gedaan kan worden, maar hij is persoonlijk van mening, dat de propagandistische waarde nu niet zo heel groot is. Reeds gehouden simultaanwedstrijden hebben tot nu toe nog niet zoveel nieuwe leden aangebracht. In ieder geval zal aan dit punt aandacht worden besteed.

De Heer Beugelink vraagt of er misschien ook voor de Afd. B. meegespeeld zou kunnen worden in de OSBO. De Voorzitter antwoordt, dat hem dit vooralsnog niet mogelijk lijkt, aangezien wij daarvoor niet over voldoende leden kunnen beschikken. Hij houdt daarom wat dit betreft vast aan een minimum aantal leden van 30. De Heer Beugelink vraagt verder of de afd. B. niet eens vrienschappelijke wedstrijden zou kunnen spelen met naburige schaakverenigingen. De Voorzitter zegt, dat hiervoor moeite gedaan kan worden.

De Heer de Vries vraagt of het niet mogelijk zou zijn, dat de Afd. B. eens partijen zouden kunnen spelen tegen Heren van de A. afd., waarbij deze dan op eventuele fouten zouden kunnen wijzen. Het spelen van zulke partijen zou meer een lesgeven gaan worden en de Heer Booy merkt op, dat meerdere kennis van het schaakspel z.i. het beste verkregen kan worden door zelfstudie. Natuurlijk kost dit tijd, maar dat zouden de gegadigden er voor over moeten hebben. Wel wordt besloten wat meer aandacht te schenken aan het spelen van partijen op het demonstratiebord, waarbij dan de spelers een uitleg geven van de door hen gedane zetten.

Punt 12. De Voorzitter dankt de Vergadering voor de prettige wijze, waarop deze Vergadering is gehouden en met het oog op het ver gevorderde uur wordt besloten reeds thans een demonstratie op het bord te geven door de Heren Jonker en Booy.

Al spoedig blijkt, dat het geven van zulk een demonstratie nu niet zo heel gemakkelijk is, daar het reeds spoedig uitloopt op het spelen van een gewone partij.


L.A. Schaap


Gepubliceerd op www.twelloseschaakclub.nl: 16 november 2011.